Man van Taal

verhalen & teksten die inspireren

Thuis

Het betonnen tuinmuurtje is misschien wel het motief dat het vaakst terugkeert in de schilderijen van Roger Raveel. Het is eenvoudige constructie van liggende betonnen platen die in de groef van een verticale paal worden geschoven. Zo bouw je een schutting die de tuin afscheidt van de openbare ruimte.

Hoewel de kunststof schutting in opmars is, zijn in Raveels geboortedorp Machelen-aan-de-Leie nog steeds veel van die betonmuurtjes te vinden die de erfafscheidingen markeren. Sommige zijn rechttoe-rechtaan met een vlakke bovenrand, maar veel muurtjes hebben een elegant golfje of repeterende accoladevorm aan de bovenrand. En helemaal frivool zijn de als kunstig kantwerk opengewerkte afscheidingsmuren.

Een gesloten en een opengewerkte betonnen tuinmuur in Machelen-aan-de-Leie

Raveel beeldt vaak het muurtje met de golvende bovenrand af. De muur loopt beeldvullend van links naar rechts of in een diagonaal door het schilderij en verdeelt het beeld in een voor en achter, een binnen en buiten. Al in een van zijn eerste schilderijen met de titel Vier witte paaltjes in mijn tuin zien we die scheiding tussen binnen en buiten. De groene schutting met golvende bovenrand verdeelt het vlak. Voor de schutting ligt in grijswitte diagonalen de tuin met de oogverblindend witte paaltjes, erachter de groene wolken van het geboomte en de driehoek van het huis van de buren.

Vier witte paaltjes in mijn tuin, 1948, olieverf op hardboard

Dit motief van de tuinmuur zal hij in allerlei variaties schilderen. In het drieluik Het verschrikkelijke mooie leven loopt de muur als een donkere zigzag door alle drie de panelen heen. Aan de binnenzijde hangt een kooi met kanaries en zien we onszelf in de spiegel; aan de andere zijde van de zigzag zijn (misschien) wat huisjes en een straat te zien.

Achter de muur bevindt zich de buitenwereld. Aan onze zijde van de muur is de koer, de omheinde tuin. Wij bevinden ons met de schilder ín de tuin, binnen de omheining. Hier zijn we ‘thuis’. Hier loopt de poes en zingen de kanaries. Hier werkt vader in de moestuin en staan de betonnen paaltjes van de waslijn.

Het verschrikkelijke mooie leven, 1965, olieverf op doek + kooi + spiegel

De muurtjes markeren dus een sterke scheiding tussen de binnen- en de buitenwereld. In mijn ogen past dat wel bij onze zuiderburen, die ook hun huizen ’s avonds afsluiten van de buitenwereld met rolluiken en dichte gordijnen. Ze zijn thuis. De Nederlandse gewoonte om ’s avonds thuis te zijn in de stralende ‘etalage’ van de huiskamer is in België onbekend. Niet voor niets heet de langstlopende Belgische televisiesoap Thuis. In Nederland gaat het altijd door met Goede tijden, slechte tijden.

De betonmuurtjes symboliseren volgens mij voor Raveel de binding met zijn thuis, met Machelen-aan-de-Leie. Het is de omgeving die hem altijd is blijven inspireren in haar alledaagse schoonheid. De betonnen platen, met hun regelmaat van horizontale en verticale lijnen, met hun lichtelijk frivole golfrandjes, markeren het thuisgebied.

En ín dat afgeschermde thuisgebied laat Raveel plotseling een witte abstracte vorm opduiken. Opeens opent zich in die alledaagse achtertuin een wit vierkant met een stralende pracht. Dat is een ervaring die je misschien wel mystiek zou kunnen noemen; in de gewone gang van zaken van het leven (“thuis”) openbaart zich opeens iets van een andere orde.

De muur, 1966, olieverf op doek

Dit is wat het werk van Roger Raveel voor mij zo ontroerend maakt. Het brengt het hogere heel dichtbij, het brengt het hogere thuis.

In mijn lezing ga ik uitgebreid in op de muur en de vierkanten. Op 5 maart geef ik de lezing ‘Het vierkant en de alledaagsheid’ in Den Haag. Informatie en reserveren; zie Agenda.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *