Na Driekoningen

Driekoningen is een speciale dag in het nieuwe jaar. Tot die tijd ‘mag’ je elkaar nog volmondig een gelukkig nieuwjaar wensen. Tot die tijd blijft ook de kerstboom in vol ornaat in de kamer staan. Maar dan wordt de boom afgetuigd en in de versnipperaar gestopt. De dagen zijn nu weer gewoon grijs, zonder de belofte van een feest aan het eind van de rit.

Een van de aandoenlijkste afbeeldingen van de drie koningen is te zien in de kathedraal van Autun in Frankrijk. De koningen, de wijzen uit het oosten, kwamen op geleide van een ster naar Bethlehem om eer te bewijzen aan de pasgeboren Jezus, de ‘Koning der Joden’ volgens deze zieners. Op het beeld in Autun zijn de drie koningen te zien die na hun eerbetoon liggen te slapen. Met hun kronen nog op liggen ze lepeltje-lepeltje met z’n drieën op een bedbank onder een deken, die in prachtige ronde plooien over hen heen is gedrapeerd.

Kapiteel ‘Slaap van de drie koningen’, Gislebertus, 1130-1135

De achterste koning heeft zijn hand op de deken gelegd. Een engel raakt voorzichtig zijn hand aan, waardoor de koning zijn ogen wijd open doet. Met de andere hand wijst de engel naar een ster. Die ster zal de koningen weer de weg naar huis terug wijzen en zo kunnen ze vermijden dat ze eerst bij de wrede koning Herodes langs moeten, die snode plannen heeft om de pasgeboren ‘Koning der Joden’ te vermoorden.

Dit beeld, afkomstig van een kapiteel (bovenstuk) van een zuil in het hart van de kathedraal van Autun, is van een grote schoonheid. Het is prachtig gedetailleerd en het is naïef, zelfs grappig als een kindertekening, en vertederend in de doeltreffende uitbeelding van een episode uit het Kerstverhaal. Het is een van de vele topstukken van Romaanse beeldhouwkunst die de kathedraal rijk is. De naam van de beeldhouwer is bekend: Gislebertus. Hij liet zijn naam achter in een ander topstuk: Het Laatste Oordeel, boven de hoofdingang van de kerk.

‘Gislebertus hoc fecit’, inscriptie boven de ingang van de kathedraal van Autun

Hans Arp, de dichter en beeldhouwer in wiens werk ik me weer helemaal heb ondergedompeld voor mijn eerstvolgende lezing, schreef in 1962 het prachtige gedicht Gislebertus d’Autun over de beelden van de kathedraal van Autun. Het gedicht is een hommage aan Gislebertus en aan de kathedraal zelf, die voor Arp een tegenwicht vormt tegen de materialistische, destructieve kant van de mens.

In het titelverhaal van mijn boek Tot de verbeelding citeer ik al rijkelijk uit dit heerlijke gedicht, waarin Arp met een kinderlijke blik naar de kunst kijkt en met een scherpe tong de materialistische ‘supermens’ op zijn plaats zet. Hier volgen nog een paar citaten:

Kapiteel ‘Gevecht tussen mens en vogel’, Gislebertus, 1130-1135

De supermens wankelt
omdat hij zich realiseert
dat Gislebertus van Autun
dit gebouw van wonderen
heeft geschapen om hem te tarten.
Hij voelt zich eigenlijk niet super op zijn gemak,
die supermens, die plompverloren
voor de kathedraal van Autun staat.

Reuzenvogels die minuscule mensjes oppeuzelen
vlammen die adellijke dames verteren
ontelbare demonen gekroond met vlammen
duivels die met wijd open muil jodelen
hoofden van verdoemde zielen.

Kapitelen van engelen
proberen engel te vervoegen.
Ze engelen, ze superengelen.

Kapiteel ‘Judas wordt opgehangen’, Gislebertus, 1130-1135

Twee gevleugelde demonen zijn ijverig in de weer
om volgens de regels der kunst
een lid van de Judasbroederschap
op te hangen.
Ze hangen hem aan lange worsten
die uit hun duivelse koppen groeien.
Een arme drommel zonder ordentelijk beroep
is ook een vuurtje voor hun pijp.

Die twee forse engelen
die elk een kerktoren in hun hand hebben
willen zij de arme oude duivel in stukken hakken
die al zit te mauwen
voordat ze zijn begonnen?

Nee, ze wachten op een van die supermannen
een van die vertegenwoordigers in supervooruitgang
die misschien op een dag
voor de kathedraal van Autun zal staan.

Gislebertus is een kind van de hemel.
De schoonheid van zijn kristallijne draperieën
vind je alleen terug in de hemel.

Als de coronamaatregelen het toelaten, geef ik binnenkort een lezing met gedichten van Hans Arp, getiteld Arps Fluïdum. Op 30 januari voor besloten gezelschap en misschien in februari een openbare lezing. Let op de aankondigingen in de Agenda.

4 Comments

  1. Vol verwachting zien wij de openbare lezing tegemoet.
    We hebben vaak voor en in de kathedraal in Autun gestaan maar ‘na Hans Arp’
    zal het ànders zijn.

    • Dank voor de reactie, Bea en Jacques. Met de verlenging van de lockdown wordt het wat ongewisser wanneer de openbare lezing er komt. Ik zal hem aankondigen in de Agenda en in mijn Nieuwsbrief.

  2. Hans, weinigen kennen die kathedraal – en het museum – van Autun. Voor mij een hoogtepunt als ik in Frankrijk ben.
    Speciaal de driekoningen zo mooi afgebeeld. Behalve diverse foto’s heb ik nog nog een mooie kaart hier, ik kan het niet over mijn hart verkrijgen hem te versturen…..
    Ik kijk uit naar de lezing die je (binnenkort?) over Autun – en Gislebertus – geeft.
    Gegroet, Annelies Schwartz

    • Dankjewel Annelies. Ik snap het van die kaart, dat heb ik ook met mooie kaarten van bijzondere kunstwerken. De openbare lezing zal vooral over de gedichten van Hans Arp gaan, en minder specifiek over de kathedraal van Autun. Je kunt hier op mijn blogpagina wel mijn andere blog over het gedicht ‘Gislebertus d’Autun’ van Hans Arp vinden als je zoekt op ‘Autun’.


Add a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.