Mijn oog en ik

Het is al bijna een maand geleden dat mijn oog werd aangevallen op de expositie Eye Attack, Op Art en kinetische kunst in het Stedelijk Museum Schiedam. Eigenlijk was het meer een vrolijke uitdaging voor mijn oog dan een aanval erop. Voortdurend werd ik door de kunst in de maling genomen; de informatie die via mijn oog binnenkwam werd door mijn brein omgezet in beelden die er niet waren.

Oggetto ottico dinamico, Dadamaino, 1962

In de afbeeldingen zag ik allerlei dingen ‘gebeuren’: er stulpten duidelijk bolle vormen uit een plat schilderij naar voren. Hypnotiserende golven deinden voor mijn ogen, terwijl de lijnen toch echt stil stonden. In mijn ooghoek zag ik ronde vormen, maar focuste ik erop dan waren het gewoon zwart-witte, vierkante vormen.

Een draaiende spiraal zoog mij naar binnen en toen ik wegkeek draaiden de muren en de vloer. Terwijl ik om een kunstwerk heenliep, bewoog een iriserende waaier met me mee en bij weer een ander werk verschenen en verdwenen efemere kleuren in gelaagde, snaarachtige vlakken. Op Art is fop-art.

Cataract 3, Bridget Riley, 1967

Er klonk veel gelach in de museumzalen en mensen raakten gemakkelijk met elkaar in gesprek over de grappen die de kunst met je oog en je brein uithaalde. Kom daar maar eens om in een museum met eerbiedwaardige kunst, waar iedereen in stilte of in besloten kring kunst loopt te consumeren. Niemand bekreunde zich om de diepere betekenis van een schilderij, er werd gelachen, mensen wezen elkaar met plezier en verwondering op de loer die de kunst je draaide.

Op Art (een afkorting van optical art) had zijn bloeitijd in de zestiger jaren. Het is een laagdrempelige kunstvorm; iedereen kan Op Art begrijpen, juist omdat er niets te begrijpen valt. Op Art leende zich uitstekend voor toepassingen in mode en design en vond dan ook grote navolging. Minirokjes werden versierd met Op Art-motieven, platenhoezen, stripboeken en talloze gebruiksvoorwerpen kregen een Op Art-uiterlijk.

De expositie Eye Attack gaf mij weer het optimistische, vrolijke gevoel van de sixties. Er gaat een anarchistische vrijheid van deze kunst uit. Het laat je de betrekkelijkheid van de waarneming (= de werkelijkheid?) zien. Mijn oog neemt iets waar en ik ‘maak’ daar een beeld van. Mijn oog en ik, het zijn twee verschillende entiteiten.

Strutturazione ortogonale, Edoardo Landi, 1962/1963

In 1966, toen Op Art bloeide, was ik een onschuldig prepubertje. Ik las de Donald Duck, maar zou spoedig overstappen op de PEP. In de vormgeving van dit stripweekblad sijpelden ook Op Art-invloeden door en zo zag ik het landschap van de vrijheid voor me opdoemen met peace, love, freedom & happiness.

Mijn oog en ik wensen u een fijne zomervakantie toe, met peace, love, et cetera. Ik? Ik blijf thuis. Thuis met mijn konijn.

No comment yet, add your voice below!


Add a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.