Wandelzomer

Wandelen is goed. Als je je met een gangetje van 1,3 km/h door de omgeving beweegt, ervaar je veel beter wat er gebeurt dan als je er doorheen jakkert. Wat bloeit er, welke geluiden hoor je, wie kom je tegen? Hoe is het weer? Hoe voel je je? Wandelen brengt je dichter bij jezelf en bij de omgeving.

‘The Gathering’ van Wilma Bosland op de expositie ‘Beelden en bomen’ in het Nationaal Bomenmuseum Gimborn Foto: Fleur van den Berg

Deze zomer gaan al mijn kunstverhalen gepaard met wandelen. In het Nationaal Bomenmuseum Gimborn in Doorn geef ik de wandelende lezing over de expositie Beelden en bomen. Met het publiek wandel ik door dit prachtige, honderd jaar oude arboretum. Bij een aantal beelden houden we stil. Ik vertel over de kunstenaars die de sculpturen hebben gemaakt. Van sommige kunstenaars laat ik ook ander werk zien, waardoor het kunstwerk op de expositie in een breder kader komt te staan. En ik vertel over de associaties die de kunstwerken in deze omgeving bij mij oproepen. Dan wandelen we weer verder onder de bomen, langs het water of langs de heidevelden, over het knerpende schelpenpad of over het gras.

In mijn lezing Arps Fluïdum laat ik met mijn dia’s de bezoeker wandelen door het gipsatelier van Jean Arp in Meudon bij Parijs en door zijn tuin met bronzen beelden. Precies zo heb ik rondgedwaald in dit mooie museum van de fondation Arp, waar de bezoeker wordt uitgenodigd om rustig rond te wandelen en de beelden in zijn eigen tempo en op zijn eigen manier te bekijken.

Publiek wandelt door de expositie ‘Jean Arp’ in het Gemeentemuseum Den Haag, 1967

Opvallend is dat al in 1967 bij de eerste overzichtsexpositie van Arp in Nederland in het toenmalig Gemeentemuseum in Den Haag, de conservator ernaar streefde een beeldentuin te creëren waarin de bezoeker vrij kon rondwandelen. Op de dag van de opening werd deze conservator, ‘mej. drs. A. C. Esmeijer’, geïnterviewd door Het Vrije Volk: “Het liefst,” zo zei mej. Esmeijer gisteren, “had ik er een buitengebeuren van gemaakt, een echte beeldentuin, maar dat kan in dit land nu eenmaal niet.” Om toch haar zin te krijgen, creëerde zij haar eigen landschap binnenshuis, waardoor de museumbezoekers al wandelend met het werk van Arp kunnen kennismaken. (Het Vrije Volk, editie Den Haag en Amsterdam, 17 februari 1967).

Expositie ‘Arp. A Petrified Forest’ in museum Beelden aan Zee

Ook de expositie Arp, A Petrified Forest, die nu in de Zuidzaal van museum Beelden aan Zee is te zien, is ingericht als een beeldentuin. Bij binnenkomst valt er een deken van rust over je heen. De eenentwintig gipsen beelden staan in een vrije opstelling, niet in vitrines, op sokkels van verschillende materialen. De bezoeker wordt uitgenodigd te dwalen tussen en rond de beelden. Het licht dat binnenvalt vanuit de patio versterkt de vloeiende overgangen van wit naar grijs naar wit in het werk van Arp. Het zijn deze vervloeiende vormen die zijn werk de kenmerkende kwaliteit geven die hij zelf bewegt noemt; bewegend, bewogen, ook emotioneel bewogen.

In mijn lezing Arps Fluïdum draag ik gedichten van Arp voor bij het ‘wandelen’ door zijn gipsatelier en zijn tuin in Meudon. Zoals:

In de diepe stilte van de Vogezen
ontmoette ik
grote zeilschepen zonder bemanning
die stil
door de wouden zeilden.

uit: Schuilplaats van dromen, 1961

Wandelen is dus mijn motto deze zomer. Op 28 juni geef ik mijn lezing Arps Fluïdum in de bibliotheek van museum Beelden aan Zee. Daarna kunnen de bezoekers zelf wandelen door het woud van Arps beelden, het ‘petrified forest’.
De wandelende lezing Beelden en bomen geef ik op 12 juli. Ik neem u dan weer mee langs plekken waar natuur en kunst elkaar ontmoeten.

Informatie en reserveren voor beide lezingen: zie Agenda

De weelde van beelden in de natuur

Op 5 mei hield ik mijn eerste wandelende lezing over de expositie Beelden en bomen in het Nationaal Bomenmuseum Gimborn. Wat mij in de voorbereiding van deze lezing al was opgevallen bleek tijdens de wandeling ook weer; het samengaan van kunst en natuur levert een enorme rijkdom aan associaties en belevingen op. Bomen en beelden versterken elkaar in hun verhalen.

Planteneter, Mieke de Waal, cortenstaal

Zo word ik bij het beeld Planteneter van Mieke de Waal geraakt door de gevoeligheid van dit beeld op een locatie die een overgang vormt tussen beslotenheid en openheid. Aan de ene zijde van het beeld ligt de open ruimte met de grote vijver, aan de andere zijde de bosrand. Door het beeld heen is de ruimte en het licht van het water van de vijver waarneembaar.

Deze sculptuur in deze ruimte – een reikhalzend hert bij water – roept bij mij een associatie op met psalm 42: ’t Hijgend hert der jacht ontkomen/schreeuwt niet sterker naar ’t genot/van de frisse waterstromen/dan mijn ziel verlangt naar God. Ik laat zelfs een gedeelte van Mendelssohns versie van deze psalm horen; muziek die zich opent als een kelk die smacht naar water, naar licht en ruimte, naar verlichting. Van dit gedeelte uit de wandeling is een opname te zien op het Man-van-Taalkanaal, klik HIER.

Spades, Jos Verschaeren, verzinkt staal, kastanjehout

Bij het werk Spades van Jos Verschaeren voel ik, staand naast de spades met metershoge stelen van (vrijwel) onbewerkt hout waar zomaar blaadjes en takjes uit zouden kunnen ontluiken, de verwantschap tussen het ruwe hout van het gereedschap en het hout van de bomen in de parkachtige natuur om dit beeld heen. Dat brengt mij ertoe het begrip Urgrund van Hans Arp  – de kunstenaar over wie ik deze zomer ook lezingen geef – te berde te brengen.

Urgrund is het idee dat álle vormen die er zijn voortkomen uit een bron van oer-energie. Natuurlijke vormen als bomen en planten ontstaan uit die oer-energie maar ook de vormen die door mensen gemaakt worden, zoals sculpturen en gereedschap. Arp geloofde dat als de vormen vergaan – ze sterven af of ze gaan kapot – de energie weer terugvloeit in de bron, waarna er weer nieuwe vormen kunnen ontstaan. Dit werk van Jos Verschaeren bestaat uit vier spades in een parkachtig landschap; door de mens gemaakt gereedschap waarmee een park wordt gecreëerd. Mijn suggestie voor een titel van dit kunstwerk – door Arp geïnspireerd – zou zijn: Schepping.

Zachte stappen Stugge paden, Ine van Son, vervilte wol

De sculptuur Zachte stappen Stugge paden van Ine van Son heeft behalve een grote poëtische schoonheid voor mij ook een andere zeggingskracht. De plukken vervilte wol die zij heeft aangebracht op een laaghangende tak, ‘bewegen’ met zachte stappen mee met de boog van de tak. Het vilt verzacht ook het leed dat de boom heeft moeten ondergaan en dat zichtbaar wordt als je onder de boog doorloopt. Het grootste deel van de dikke stam is namelijk afgezaagd. De boom is zijn kern kwijt en als liefdevol (troostend) gebaar is een overgebleven tak met zachte zwachtels van wol bekleed. Ook van dit deel van de wandelende lezing is een opname te zien. Klik HIER.

Op 12 juli geef ik opnieuw de wandelende lezing Beelden en bomen. En op 28 mei en 28 juni geef ik de lezing Arps Fluïdum. Informatie en reserveren voor beide lezingen: zie Agenda.