De menselijke maat

Over de Britse beeldend kunstenaar Antony Gormley heb ik al eerder geschreven. In zijn werk word ik getroffen door het universele fenomeen van hoe het (mijn) menselijk(e) lichaam zich in de ruimte bevindt. In museum Voorlinden is nu van hem de expositie Ground te zien. Of beter: te ervaren.

Gormley neemt zijn eigen lichaam als uitgangspunt. Dat is volgens hem de enige zekerheid die we hebben; ons lichaam dat zich in de ruimte bevindt. Hij noemt het lichaam ‘de grondwaarde’. Bij museum Voorlinden komen we in de tuin en in de bossen rond het museum gietijzeren beelden tegen uit de serie Critical Mass II, afgietsels van Antony Gormleys lichaam. Deze oermenselijke vorm neemt houdingen aan die emoties zouden kunnen uitdrukken.

Het bijzondere is dat de emotie die je ervaart afhankelijk is van hoe het lichaam is opgesteld. Zo is er een rechtopstaande figuur die het hoofd laat hangen. Hij staat met zijn voeten in het water en roept een gevoel van droefheid op.  Even verderop ligt dezelfde gedaante voorover op het gras. Hij rust slechts op zijn tenen en op zijn hoofd en nu gaat er iets weerbarstigs van uit. Nog iets verder maakt dezelfde vorm een acrobatische ‘handstand’; met de armen tegen het lijf gedrukt en de voeten omhoog staat het lichaam recht overeind, alleen leunend op de nek en het achterhoofd.

Een van de figuren uit Critical Mass II (1995) van Antony Gormley in verschillende opstellingen bij museum Voorlinden

De grootste verrassing van de expositie Ground is te vinden in de zalen van het museum. Daar ervaart de bezoeker zelf hoe het eigen lichaam zich verhoudt tot de ruimte. Dat begint al in de eerste zaal met het kunstwerk Co-ordinate VII. De zaal lijkt leeg, op twee dunne metalen strips na, die als een X- en Y-as de ruimte in het midden doorsnijden. De ruimte wordt als het ware verdeeld in vier kwadranten. Als je de horizontale as nadert om eronderdoor te lopen naar de volgende zaal, krijg je een wonderlijke gewaarwording; de twee ‘lijnen’ raken elkaar helemaal niet! De ‘X-as’ ligt een eind voor de ‘Y-as’. Deze gewaarwording is een fysiek gevoel, een schok of een bons alsof je tegen een glazen wand stoot.

Verderop beland je in de fenomenale ruimte met het kunstwerk Clearing VIII. Een reusachtige rol van een dunne aluminium strip is hier ‘uit elkaar gevallen’ in de ruimte. Van plafond tot vloer, van zijwand tot zijwand lopen kris-kras grote hoepels van aluminium door de zaal, waardoor een vrije doorgang onmogelijk is. De bezoeker moet zijn weg in deze wirwar zoeken door zich in allerlei richtingen te bewegen. Bukkend, met hoge stappen over de kabel heen stappend, voorzichtig je voeten tussen de obstakels plaatsend en tegelijk om je hoofd denken; bewegen in deze ruimte wordt een heel bewuste exercitie.

Clearing VIII, Antony Gormley, 2020

Een combinatie van de lichamelijke sensaties van Clearing en Co-ordinate staat de bezoeker te wachten in Breathing Room III. Hier betreed je een helverlichte ruimte met grote, open kubussen die in elkaar grijpen. De kubussen zijn alleen met witte ribben aangegeven. Plotseling gaat het licht uit en in het aardedonker lichten de ribben fluorescerend op. Er is geen voor en achter meer, er is alleen een fascinerend lijnenspel van horizontale en verticale lijnen met talloze verdwijnpunten. Als zwarte gedaantes dwalen de bezoekers door dit labyrint.

Breathing Room III, Antony Gormley, 2010

Antony Gormley biedt met deze expositie Ground fascinerende fysieke ervaringen. Elke bezoeker kan zijn menselijke maat aan den lijve ervaren; de ‘grond’ van het eigen lichaam in de ruimte.

Let it be

Op zaterdag 9 juli overleed Wim Quist, de architect van museum Beelden aan Zee in Scheveningen. In dit museum met zijn lichte, open ruimtes kom ik heel graag. Zeker als er door de openstaande schuifpuien een zacht zeebriesje door de ruimte waait, voel ik hoe het gebouw me licht en vrij maakt en opent voor de kunst.

Quists museum ligt direct achter de boulevard in een duinpan als een opengevouwen dubbele schelp. Twee halfronde expositieruimtes, opgetrokken uit zandkleurig beton, komen samen in het hart van de schelp, de Zeezaal. De rechterruimte, de grote zaal waar de bezoeker binnenkomt, is overdekt. Door de vensters in het dak valt het zonlicht naar binnen, wat de sfeer van strand en duin versterkt. Op de ronde muur tekenen zich prachtige lijnenpatronen af, die langzaam met de zon mee verschuiven. Via grote glazen schuifpuien staat de zaal in verbinding met de patio’s die verzonken liggen achter betonnen muren waar wuivend helmgras overheen groeit.

De grote zaal van museum Beelden aan Zee

Door een gang met intieme, halfronde nissen kom je in de Zeezaal. De betonnen muur heeft hier plaatsgemaakt voor een glazen wand waarachter het duin zich opent met een weergaloos uitzicht op de zee. Prachtig hoe het museum het uitzicht inzet om de kunst te versterken. Of andersom. Sinds jaar en dag ligt Jan Meefouts Sluimerende Venus in perfecte harmonie met de omgeving ‘op de drempel’ van dit uitzicht. En de Cercle van de Italiaanse kunstenaar Bruno Romeda trekt een ijle, ronde lijn in het vergezicht.

Uitzicht vanuit de Zeezaal van museum Beelden aan Zee
Opgang langs de terrassen, museum Beelden aan Zee

Aan de andere kant van de Zeezaal ligt de open linkerhelft van de schelp. Hier loop je langs de ronde wand dicht onder het duin langzaam omhoog naar de terrassen met sculpturen. In een bijna processie-achtige wandeling kom je almaar hoger. Je voelt steeds meer de zeewind in je haren, de geluiden van de branding en het strand worden steeds krachtiger.

En dan sta je op het bovenste terras. Tussen de beelden door over de duintop heen zie je het strand en de zee. Je voelt de zon en de wind, je ruikt de zee en flarden etensgeuren van de strandpaviljoens, je ziet de paragliders, de zeilboten, de vrachtschepen in de verte, de Pier met reuzenrad; je bent tussen de Beelden aan Zee!

Het bovenste terras van museum Beelden aan Zee

De prachtige ruimtes van Wim Quist laten door hun vormen, hun kleuren, de lichtinval en de afwisseling besloten/open de kunst én de bezoeker optimaal tot hun recht komen. Welke expositie er ook staat, het gebouw, sterk verankerd in het duin, omarmt en koestert de kunst. Het museum dringt zich niet op, het ‘laat de kunst zijn’.

Ik dank architect Wim Quist voor deze ruimte, voor deze words of wisdom: Let it be.

Mauritshuis met flits

Het Mauritshuis heeft (in een flits?) een goede ingeving gehad; er werden zestien fotografen benaderd met de opdracht om van een van de schilderijen uit de collectie een eigen fotografische interpretatie te maken. Het leverde de prachtige expositie FLASH | BACK op, met eigenzinnige én eigentijdse foto’s, geïnspireerd door de zestiende- en zeventiende-eeuwse schilderijen van het Mauritshuis.

De fotografen werden vrijgelaten in de keuze van het schilderij en in de manier waarop ze hun ‘versie van het schilderij’ weergaven. Sommigen bleven vrij dicht bij het origineel, anderen voelden zich aangesproken door het thema en verbeeldden dat op hun eigen manier, weer anderen werkten puur associatief met wat het schilderij bij hen opriep.

Het intrigerende schilderij De Damspelers van Michael Sweerts, met dammende jongemannen die gekleed zijn volgens de laatste mode uit 1652, inspireerde fotograaf Ahmet Polat tot een uitdagende, barokke foto. Op een vloer met een dambordpatroon staan jonge mensen in (door henzelf ontworpen) weelderige kostuums. De vloer werd gelegd in de Galerij Prins Willem V, een dependance van het Mauritshuis. Tussen de werken van de oude meesters tonen de jonge makers hun werk en zichzelf in zelfbewuste poses.

FLASH | BACK, links: Ahmet Polat, It’s all in the game, 2022 en rechts: Michael Sweerts, De Damspelers, 1652

In de zaal van Rembrandts Anatomische les hangt in de schemering een foto met dezelfde afmetingen als Rembrandts schilderij uit 1632. Maar dit ‘doek’ is leeg op een menselijke hand na, die ligt opgebaard in een vergelijkbaar clair-obscur als bij de grootmeester. Fotograaf Stephan Vanfleteren raakte geïntrigeerd door het verhaal achter de rechterhand van het lijk op Rembrandts Anatomische les. Het lijk, een geëxecuteerde misdadiger, had oorspronkelijk geen rechterhand (meer). Die hand was bij een eerdere veroordeling al afgehakt. Rembrandt schilderde hier aanvankelijk naar waarheid een stomp en voegde pas later een hand toe. Vanfleteren toont alleen de dode hand die met een lugubere schoonheid ligt opgebaard in een Rembrandtesk decor.

FLASH | BACK, Stephan Vanfleteren, Corpus #1632, 2022

Bij Vermeers Gezicht op Delft – volgens Marcel Proust én volgens mijzelf het mooiste schilderij van het Mauritshuis – staat een prachtig citaat van de Franse schrijver: ‘Probeer altijd een stukje lucht boven je leven te houden’. Dit citaat vormt de verbinding tussen het schilderij en de zwart-witfoto van Vincent Mentzel, die ernaast hangt. De foto is een gezicht op Delft vanuit hetzelfde standpunt maar dan wat hoger. In het sterke zwart-witcontrast vormt de bebouwing langs de kade een desolaat rommeltje van oud en nieuw, in de bocht van de Schie drijft een groot vuilnisschip met een dozijn containers. Maar wat de foto optilt en verbindt met het schilderij is de ruime wolkenlucht boven de stad, met contrastrijke wolken.

FLASH | BACK, links: Vincent Mentzel, Tâchez de garder toujours un morceau de ciel au dessus de votre vie, Marcel Proust, 2022 en rechts: Johannes Vermeer, Gezicht op Delft, 1660-1661

Het klapstuk van de expositie FLASH | BACK is wat mij betreft de foto van Anton Corbijn bij Rembrandts schilderij Twee Afrikaanse mannen uit 1661. De intimiteit en kwetsbaarheid die Rembrandt in dit ‘dubbelportret’ wist te leggen vinden we precies zo terug in de foto van Corbijn. Rembrandt toont de mannen van voren met diffuus licht dat subtiel op de achtergrond valt en een sterke lichtvlek in het midden van het beeld. Corbijn fotografeerde twee Afrikaanse mannen van achteren bij het licht van straatlantaarns. De licht-donkerpartijen op deze foto en de houding van de twee mannen roepen dezelfde ontroerende en intieme sfeer als Rembrandts schilderij.

FLASH | BACK, links: Anton Corbijn, Twee Afrikaanse mannen (naar Rembrandt), Lamu, Kenya, 2022 en rechts: Rembrandt van Rijn, Twee Afrikaanse mannen, 1661

Gaat dat zien in het Mauritshuis. FLASH | BACK is werkelijk een tentoonstelling die de oude kunstwerken ontsluit. De expositie laat zien hoe actueel de schilderijen van de oude meesters zijn en hoe zij eigentijdse kunstenaars kunnen inspireren tot nieuwe, aansprekende kunst.